Nieuws

Huizenprijzen stijgen nog steeds, maar minder snel

De Nederlandse huizenprijzen blijven stijgen, maar het tempo van de stijging gaat omlaag. Volgens het nieuwste kwartaalbericht Woningmarkt van RaboResearch worden koopwoningen dit jaar gemiddeld 3,1 procent duurder dan in 2025. Dat is een stuk minder dan vorig jaar, toen de prijzen nog met 8,6 procent omhooggingen.

De belangrijkste reden voor de afremmende prijsstijging is dat er tijdelijk meer huizen op de markt komen. Vooral voormalige huurwoningen die beleggers verkopen en een lichte opleving in de woningbouw zorgen voor extra aanbod.

De afgelopen jaren hebben veel beleggers hun huurwoningen verkocht aan particulieren. In 2025 ging het per saldo om ongeveer 36.000 woningen die van verhuur naar koop gingen. Dat extra aanbod verlicht de druk op de woningmarkt.

Ook de bouw helpt tijdelijk mee. Dit jaar worden waarschijnlijk meer nieuwbouwwoningen opgeleverd dan in de afgelopen twee jaar. Daardoor komt er iets meer keuze voor kopers en vlakt de prijsstijging af. Toch betekent dat niet dat huizen goedkoper worden. De prijzen stijgen nog steeds, alleen minder snel dan eerder.

Markt blijft krap

Ondanks het extra aanbod blijft de woningmarkt volgens RaboResearch erg krap. Er is nog altijd een groot tekort aan woningen. Dat tekort wordt dit jaar geschat op ongeveer 410.000 huizen, bijna 5 procent van de totale woningvoorraad.

Dat betekent dat kopers nog steeds veel moeten betalen. In januari lagen de prijzen van bestaande koopwoningen gemiddeld 5,4 procent hoger dan een jaar eerder. Voor een gemiddeld huis betaalden kopers ongeveer 25.000 euro meer dan een jaar eerder.

Huizenprijzen gaan later weer sneller stijgen

De tijdelijke verlichting op de woningmarkt houdt waarschijnlijk niet lang stand. Volgens RaboResearch droogt de verkoop van voormalige huurwoningen later dit jaar langzaam op. Dat komt onder meer doordat tijdelijke huurcontracten uit eerdere jaren aflopen en het aanbod van zulke woningen daarna kleiner wordt.

Ook verwachten economen dat de woningbouw na 2026 weer afneemt. Als er minder nieuwe woningen bijkomen, wordt het aanbod opnieuw kleiner terwijl de vraag hoog blijft.

Daarom denken de onderzoekers dat de prijsstijging in 2027 weer aantrekt tot gemiddeld 4,1 procent. De huidige afvlakking van de prijsstijging is dus waarschijnlijk tijdelijk.

Regionale verschillen worden kleiner

Opvallend is dat de prijsontwikkeling per regio verschilt. In delen van Noord- en Oost-Nederland stijgen huizenprijzen momenteel relatief hard.

In de regio Amsterdam blijft de groei juist achter. Daardoor wordt het prijsverschil tussen de Randstad en andere regio’s langzaam kleiner.

Zo betaalden kopers eind 2025 gemiddeld ongeveer 537.000 euro voor een huis in Amsterdam, nog steeds aanzienlijk meer dan elders in het land, maar het verschil met andere regio’s wordt kleiner.

Veel onzekerheid blijft

Hoewel de vooruitzichten voor de economie redelijk stabiel zijn, blijven er onzekerheden. Internationale spanningen en inflatie kunnen invloed hebben op hypotheekrentes en de woningmarkt.

Voor nu lijkt de conclusie uit het kwartaalbericht woningmarkt van RaboResearch vooral dat de huizenprijzen nog steeds stijgen, maar tijdelijk minder hard. Zodra het extra aanbod verdwijnt, kan de druk op de woningmarkt weer toenemen en kunnen prijzen opnieuw sneller oplopen.

Dit zijn de best gelezen artikelen van dit moment:

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Reacties

What's your reaction?

Leave A Reply

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Related Posts